Comité 4 en 5 mei
035-602 10 08 |
WetenswaardighedenHet nationaal comité 4 en 5 mei heeft voor 4 en 5 mei en voor 15 augustus (herdenking capitulatie van Japan) een vlagprotocol opgesteld. Hieronder zijn de diverse protocollen weergegeven. Vlagprotocol 4 mei.
Hieronder vindt u een aantal richtlijnen met betrekking tot het uithangen van de vlag: · Er is geen richtlijn voor de afmeting van de vlag, behalve dat de lengte zich verhoudt tot de breedte als 3:2. · De vlag mag in gehesen situatie nooit de grond raken. De vlaggenstok moet dus een goede lengte hebben. · In principe mag de onderste punt niet aan de mast worden bevestigd; de vlag dient te wapperen. In het geval dat de vlag anders de grond raakt, mag hier een uitzondering op gemaakt worden. · Vlaggen mogen niet tussen zonsondergang en zonsopgang worden gehesen of blijven hangen. Een uitzondering geldt bij onbemande openbare gebouwen en in gevallen waarbij de vlag dusdanig verlicht is dat de kleuren goed te zien zijn. Op 4 mei wordt ‘uitgebreid’ gevlagd, dat betekent dat de vlag op alle rijksgebouwen uithangt. Hijsen en neerhalen. Bij het hijsen van de vlag wordt deze eerst vol gehesen, waarna hij langzaam wordt neergehaald tot het midden van de vlag op de helft van de normale lengte is gekomen. Daarna wordt de vlaggenlijn vastgebonden. Na zonsondergang wordt de vlag op herdenkingsplaatsen gestreken. Bij het neerhalen van de vlag gaat de vlag vanaf halfstok eerst naar de top alvorens neergehaald te worden. Bij openbare gebouwen die onbemand zijn, mag de vlag na zonsondergang halfstok blijven hangen. Het is toegestaan om tijdens de herdenking meerdere vlaggen halfstok te hangen, zoals provincie- of gemeentevlaggen, of vlaggen van de Nederlandse Antillen en Aruba. Ze moeten wel dezelfde afmetingen hebben en op gelijke hoogte worden gehesen. Aangezien het de Nationale Herdenking betreft, krijgt de Nederlandse vlag de ereplaats toegekend. Bij twee vlaggen is de ereplaats altijd rechts, bepaald door met de rug naar de vlag te staan. Bij drie vlaggen is de ereplaats in het midden. Als de provincievlag en de gemeentevlag de Nederlandse vlag flankeren, wordt de provincievlag rechts en de gemeentevlag links van de Nederlandse vlag geplaatst. Ook hier wordt de positie bepaald door met de rug naar de vlaggen te staan. Vlagprotocol 5 mei.
Het vlaggen met meer vlaggen
De vlaggen moeten wel dezelfde afmetingen hebben en op gelijke hoogte worden gehesen. De Nederlandse vlag krijgt de ereplaats toegekend. Bij twee vlaggen is de ereplaats altijd rechts, bepaald door met de rug naar de vlag te staan. Bij drie vlaggen is de ereplaats in het midden. Als de provincievlag en de gemeentevlag de Nederlandse vlag flankeren, wordt de provincievlag rechts en de gemeentevlag links van de Nederlandse vlag geplaatst. Ook hier wordt de positie bepaald door met de rug naar de vlaggen te staan. Vlagprotocol 15 augustus.
De oranje wimpel wordt niet gebruikt. 15 augustus zonsopgang 06.24 zonsondergang 21.04. |