Facebook
Comité 4 en 5 mei
035-602 10 08

Van de GriftDrukkerij ESEDSoester Courant

Toespraak voorganger Apostolisch Genootschap dhr M.J. de Groot 2018

Verzet vraag moed

Als het stil wordt op straat, 2 minuten per jaar, herdenken we al diegenen die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen of vermoord en allen die zijn omgekomen in oorlogssituaties en bij vredesoperaties na de Tweede Wereldoorlog. Zonder herdenken kunnen we op 5 mei onze vrijheid niet voluit vieren.

2018 is het Jaar van Verzet, waarin we nadrukkelijk stilstaan bij degenen die zich tegen onrecht en onrechtvaardigheid hebben verzet. Een aantal van hen heeft daar hun leven voor gegeven. Onze vrijheid: een met bloed betaald geschenk.

Bij het jaarthema wordt een aantal vragen gesteld. Waarom ging men in verzet? Voor welke keuzes kwam men te staan? Wat kunnen wij daarvan leren? Vraagt deze tijd ook om mensen die tegen de stroom in opkomen voor de rechten van anderen? Wat betekent dit voor onze vrije, open, democratische rechtstaat?

Het zijn geen eenvoudige vragen. We leven vandaag niet in de omstandigheden van toen en het is verleidelijk om zonder al te veel nadenken te antwoorden dat ook wij ons actief zouden verzetten. De realiteit was dat het slechts enkelen waren die in verzet kwamen. Om een veelheid aan redenen en niet zelden zonder de consequenties van hun daden te overzien.

In de jaarthematekst schrijft NIOD-directeur Frank van Vree onder meer dat voor de Joods-Franse filosoof Levinas de essentie en het begin van moraliteit ligt in het natuurlijke gevoel van betrokkenheid bij de medemens. Het gaat er volgens Levinas om “dat we ‘het gelaat van de Ander’ durven zien, als het meest sprekende deel van het weerloze schepsel dat de ander is. Omgekeerd ziet Levinas het ontwijken van de blik van de medemens als het begin van alle geweld. Anders gezegd: in een samenleving waarin men ophoudt verantwoordelijkheid te nemen voor de ander, is de menselijke waardigheid gedoemd verloren te gaan en is ieder mens overgeleverd aan zichzelf, te midden van willekeur en rechteloosheid.”

Het verzet in de Tweede Wereldoorlog was het stellen van grenzen. Door dappere mensen die zich, met gevaar voor het eigen leven en dat van hun naaste, verantwoordelijk voelden voor de Ander. Zij bleven, tegen de verdrukking in, naar het gelaat van de Ander kijken en van daaruit handelen.

Ook vandaag de dag is het belangrijk dat we onze moraliteit blijven voeden vanuit het oprecht omzien naar de Ander. Ook in de Afrikaanse filosofie Ubuntu staat menselijkheid tegenover anderen centraal. Want ‘ik ben omdat wij zijn’. Desmond Tutu gaf ooit de volgende definitie van Ubuntu:

"Iemand met Ubuntu staat open voor en is toegankelijk voor anderen, wijdt zich aan anderen, voelt zich niet bedreigd door het kunnen van anderen omdat hij of zij genoeg zelfvertrouwen put uit de wetenschap dat hij of zij onderdeel is van een groter geheel en krimpt ineen wanneer anderen worden vernederd of wanneer anderen worden gemarteld of onderdrukt."

Dat is ook de grote vraag voor vandaag. Hoe kijk ik naar de samenleving? Krimp ik ineen wanneer anderen worden vernederd, gemarteld of onderdrukt? En wat doe ik dan? Kijk ik weg of laat ik mijn moraliteit en betrokkenheid ontstaan en voeden door het aanschouwen van het weerloze gelaat van de Ander? Ook als dit niet de meest makkelijke weg is.

Esther Groenenberg verwoordt het in haar lied Barricade als volgt:

Waarom zien we niet dat liefde de sleutel is
En dat we met z’n allen op de barricade staan
Volgeladen met een lach
Tegen de kwaden om te protesteren
Of het tij te keren
Tegen de leegte
Protesteren
Voor de waarheid, voor de vrijheid
Voor de liefde

Verzet vraagt moed. Moed om, soms tegen de stroom in, te blijven kijken naar de weerloosheid van de Ander. Moed om gehoor te geven aan het appel dat op mij wordt gedaan. Omdat ik ben door de Ander.

Maarten-Jan de Groot

Voorganger Apostolisch Genootschap Soest