Facebook
Comité 4 en 5 mei
035-602 10 08

Van de GriftGrand Cafe De LindenhofJan van Dijk Tours

Verhalen van/over Joodse slachtoffers (pag 4)

Verhalen van/over Joodse slachtoffers (pag 4)

Sali Eichwald-Margulies

Sali Eichwald-Margulies, Krakau 15 februari 1880, Sobibor 28 mei 1943, 63 jaar. Sali Margulies werd geboren in Krakau, Polen, op 15 februari 1880. Zij trouwde met de Duitser Felix Eichwald en kreeg daarmee de Duitse nationaliteit. In Krefeld werd in oktober 1899 hun zoon Julius geboren en in Düsseldorf  in 1902 hun dochter Selma. Selma trouwde met Hans Wollberg. Sali, Felix, Hans en Selma woonden in Düsseldorf op hetzelfde adres namelijk Grafenberger Allee 74. 

Julius en zijn niet-Joodse vrouw Erna Martha Kallweit vertrokken op enig moment naar Nederland. Wanneer is niet bekend. In november 1937 kwamen zij naar Soest vanuit Amsterdam. Sali en haar man Felix kwamen eind november 1938 uit Duitsland in Soest aan. Zeer waarschijnlijk is de Kristallnacht van 9 op 10 november 1938 de reden voor hun vertrek (vlucht) uit Duitsland geweest. In de Soester Courant werd als hun adres Oranjelaan 33 genoemd. Felix heeft maar kort in Soest gewoond. Hij overleed al in september 1939. Zijn naam staat dan ook niet meer op de lijst van Joodse vluchtelingen die op 1 december 1939 in Soest werd opgemaakt. Sali staat wel op deze lijst genoemd Hans en Selma vluchtten in 1939 ook naar Nederland. Zij kwamen in Amsterdam terecht.

Voor het volledige verhaal klik hier.

Abraham Mossel.

Abraham Mossel, Amsterdam 11 oktober 1891, Midden-Europa  31 maart 1944, 52 jaar

Abraham Mossel werd in 1891 geboren als zoon van Simon Mossel en Mirjam Martha van der Wijk. Het gezin woonde aan de Rapenburgerstraat 41 in Amsterdam, midden in de Jodenbuurt.

Toen hij 19 jaar was besloot Abraham met twee vrienden, Gerard Perfors en Frans van der Hoorn een voettocht naar Palestina te maken. (Marie Perfors, de vrouw van Gerard voegde zich later bij de groep.) De vrienden vonden elkaar in de idealen van vegetarisme, pacifisme, atheïsme en geheelonthouding. Het moest een reis worden van verbroedering tussen culturen. De expeditieleden bekwaamden zich in het Esperanto, een universele taal.[1]

In 2020 is over deze reis en de levens van de vrienden een boek verschenen: ‘De Wereldwandelaars’, geschreven door Wim Willems. Hij nam de titel over van het boek dat Bram Mossel zelf over deze reis schreef.

Veel van de volgende informatie over Bram Mossel is afkomstig uit dit boek. In 1911 vertrok de groep van drie vrienden uit Amsterdam vanaf de Dam, uitgezwaaid door een grote groep vrienden, familie en nieuwsgierigen.. Tijdens de reis hielden zij dagboeken bij en maakten foto's en tekeningen. Ze voorzagen in hun onderhoud door regelmatig reisverslagen te sturen naar verschillende Nederlandse kranten, zoals De Amstel Bode, Wereldkroniek, De Prins en De Vegetarische Bode. Ook verkochten zij ansichtkaarten met hun eigen portret.

[1] Joodsmonument.nl

Voor het volledige verhaal klik hier.

Cecilia Salomons

Cecilia Salomons, Neuenhaus 24 mei 1880, Sobibor 14 mei 1943, 62 jaar

Cecilia was een dochter van Benjamin Salomons, geboren in Neuenhaus en Catharina Levie die geboren was in Hoogezand. Het gezin woonde aanvankelijk in Neuenhaus, een plaats in Noord-Duitsland dicht bij de Nederlandse grens. Twee jaar na de geboorte van Cecilia werd daar ook haar broer Arnold geboren.

In 1900 liet het gezin zich inschrijven in Amsterdam en ging wonen op de Prinsengracht 373.  Dat zou erop kunnen wijzen dat de familie Salomons welgesteld was.

Het is niet duidelijk wanneer en waarom Cecilia naar Soest kwam. Zij had de financiële middelen om daar een huis op de Noorderweg 13 kunnen kopen.

Cecilia dook niet onder. Zij behoorde tot de laatste groep Joden die op 22 april uit Soest werd weggevoerd naar Vught. Vanaf 23 april 1943 mochten er geen Joden meer in de provincie Utrecht wonen.

Voor het volledige verhaal klik hier.

Alice Silbermann

Alice kwam 20 juni 1938 van Berlijn naar Den Haag. Daar woonde in de Joodse gemeenschap al een aantal Silbermanns, mogelijk familieleden. Als beroep werd op haar persoonskaart genoteerd ‘correspondente’.

Vanaf september 1940 mochten Joden met een niet-Nederlandse nationaliteit van de Duitse bezetter niet meer in Den Haag wonen. In februari 1941 kwam Alice tegelijkertijd met de familie Kamm, die ook uit Duitsland gevlucht was, naar Soest. Deze familie was bestond uit de broers Rudolf en Albert, hun vader Siegfried, de vrouw van Rudolf, Bianka Freuthal en haar moeder Hilda. Zij allen woonden in Soest op hetzelfde adres, Stadhouderslaan 96.

De familie Kamm dook niet onder omdat de broers Albert en Rudolf Kamm lid waren van de Joodse Raad en daarom voorlopig vrijgesteld waren. Ook Alice dook niet onder.

Op 22 april 1943 werd ze, samen met de familie Kamm,  weggevoerd naar Vught.

Voor het volledige verhaal klik hier.